De Hoge Bank van Deil | 1401 - 1460

Overzicht van 16 actes. (Veel teksten moeten en zullen nog nagezien worden.)

10-06-1415. De abdij verbindt zich jegens Gerrit van Ackoy, tot het wekelijks doen van drie missen op Dirk Splinter's altaar van Onze Lieve Vrouwe, in de kerk te Beesd, en voorziet in gevallen, waarin de missen niet ter bepaalde tijd en plaats gedaan kunnen worden. Boete bij elk verzuim: een Fransch schild, welks richtige betaling op twee stukken land onder Rumpt wordt verzekerd.
Wy Wilhem van Gellichem ende Rolof van Gellichem, scepen in Deyl, oirconden dat voir ons comen syn heer Derick van Welderen, abt van Sunte Marienwerd, ende heer Gerith van Bomel, proest tot Sunte Marienwerd, ongescheiden, ende hebben geloift van hoerre weghen ende van des cloisters weghen, Geraet van Ackoy, bastart, dat si sullen doen doen, na doede Dederick Splinters, drie missen in elicke weke, durende erflick ende ewelick, op een altair dat Dederick Splinter voirseecht heft doen fundiren tot Beesd in der kerken, aen die zuut zyde, in die eer Goids ende onser liever Vrouwen van Hemelrick, wilcke misse voirseecht men doen sal al weke des vridaechs, des satersdaegs, ende des maendaechs. Vort sso sint mede voirwarden, off dese missen niet gedaen worde gelyc als voirscreven is, soe moeghen sy die missen doen ende verhalen in die weke daer naest comende op ten altair voirscreven, nae dien dat die missen voirscreven niet gedaen en syn.
Voirt wer dat sake, dat nochtans dese voirscreven missen niet gedaen en were gelyck also voirscreven is, soe hebben dese abt ende proest voirscreven geloeft van hoeren weghen ende van des gemynde convents weghen voirscreven, Geraet van Ackoy, bastard, voirscreven, also mennichwerff als dese voirscreven missen niet gedaen en worden gelyc also voirscreven is, enen gueden auden Vranckrijcschen schild, guet van goude ende recht van gewichte, off payment dat alsoe goet is, ende dan tot wille Geraets voirscreven toe betalen tot onsen lantrecht ut tien mergen lantss min een half hont lantss, gelegen in den gerichten van Roemde in die Overhengemenge, tuschen erfgenamen Arnts Wreeden aen die een syde, ende Roloeff Pollim aen die ander syde; item uyt sess mergen lantss, gelegen in denselve gerichte op die weyde, tuschen Roloff Pollim aen die een syde, ende erfgenamen Ghisebrecht Spycmans Goedevaertszoen aen die ander syde. Voirt wer ons dat sake, dat die kerke toe Beesd worde interdict of ander gebrecke, also dat men daer geen missen in doen mochte, soe sullen sy die wyle dat dese voirscreven kerken is in dese gebrecke voirscreven, dese voirscreven missen doen in den cloester tot Sunte Marienwerde ende niet langer. Mer wanneer geen gebreken syn in der kerken toe Beesd voirseyt, also dat men missen doen mach in der kerken tot Beesd voirseyt, soe sullen sy weder die missen doen opten voirscreven altair tot Beesd voirseyt, hoe mennichwerff dat geboirden gelyck alse voirscreven is. In orconde onser litteren.
Gegeven int jair onss Heren dusent vierhondert ende vijftien, opten tienden dach in Junio.
Concordat presens copia cum originali suo.
Bron: Cartularium der abdij Marienweerd, inv. 553 (Pag. 333)
29-03-1418. Akte van overdracht door Ghijsbert Hac van Eten Claessoen aan Willem van Tuyl van een morgen land in het gericht van Deyl in de weerd.
Wij Ott van Hoekelom Jans zoen ende Heinric vanden Rijn scepen in Deijl orconden dat voir ons comen is Ghijsbert Hac
van Eten? Claes soen ende heeft vercoft ....
... enen mergen lants ghelegen inden ghericht van Deijl ...
... ende Alaert van Haeften aen die ander side Willem van Tuijl in enen eijgen erve ...
.... Ende des is Gherijt
Hac van Eten Claes soen een borge .... Int jair ons heren M vierhondert ende achtien opten
neghen en twentichsten dach in meert
Bron: Familie Van Tuyll van Bulckestein , inv. 30
21-10-1429. Akte van overdracht door Willem Rubbe (Heinricssoen) aan Willem van Tuyl van goederen van Alaert Keyen Janssoen en diens borgen Claes Claessoen, Gheryt Henricssoen en Jan Heinric Matheussoenssoen gelegen in het gericht van Malsen in de heemstad van Deyl. Met de akte van imaginaire verkoop van deze goederen aan Willem Rubbe Heinricssoen na een procedure wegens een schuldvordering van Willem van Tuyl op Alaert Keyen Janssoen.
Wij Willem van Beesdt ende Jan van Tuijl Jans soen scepen in Deijl orconden dat voir ons comen is die ghesworen bode ons heren des hertogen van
Ghelre inden Tielreweert ende ghiede dat hi ghemaent hadde als recht is van Willems wegen van Tuijl Alaert Keijen Jan soen als een saecwout
Claes Claes soen Gherijt Heinrics soen ende Heinric Matheus soens soen als borgen om vier en viertichstalven beijerschen gulden ....
... Voirt orconden
wi dat Willem van Tuijl voirsz is ghericht biden ghesoren richter tot allen recht in alre erfnissen ende in allen goets dat dese voirsz saecwout
ende borgen voirsz hadden inden ghericht van Malsen ende inden heemstat van Deijl ...
... Ende dit is gesciet int jair ons heren dusent vierhondert ende negen en twentich opten een en twen-
tichsten dach in october 21-10-1429. Wij Willem van Beesdt voirsz ende Jan van Horwinen Goiswijns soen scepen in Deijl orconden dat voir ons comen is die
ghesworen bode voirsz ende ghiede dat hi verboden hadde als recht is alle dese voirsz orfnissen ende gueden drie sonnendage tot rechter ....
aen der kercken tot Malsen dat die te cope were van Willems wegen van Tuijl voirsz voir dese voirsz summen ghelts Ende dit is ghesciet int jair
ons heren dusent vier hondert ende negen en twentich des anderen dages nae alre kijnder dach 29-12-1429. Wij Willem van Beesdt ende Jan van Horwinen
Goiswijns soen scepen in Deijl voirsz orconden dat voir ons comen is Willem van Tuijl voirsz ende heeft vercoft alle dese voirsz erfnisse ende
gueden Willem Rubben Heinrics soen des saecwouden goet voirsz .... ende der borgen goet voirsz ...
... ende dit is gesciet int jair ons heren dusent vier
hondert ende negen en twentich des anderen dages nae alre kijnder dach 29-12-1429. Wij Willem van Beesdt ende Jan van Horwinen scepen in Deijl voirsz orconden
dat voir ons comen is die ghesworen richter voirsz ende heeft ons ghevraecht aen enen vonisse soe wair dat Willem van Tuijl voirsz sijn ghe...
van der voirsz summen ghelts ...
.... in orkonde ons litteren ghegeven int jair ons heren
vierhondert ende negen en twentich des anderen dages nae alre kijnder dach 29-12-1429
Transfix.
Aanhangend: 29-12-1429
Bron: Familie Van Tuyll van Bulckestein , inv. 31-1
29-12-1429. Akte van overdracht door Willem Rubbe (Heinricssoen) aan Willem van Tuyl van goederen van Alaert Keyen Janssoen en diens borgen Claes Claessoen, Gheryt Henricssoen en Jan Heinric Matheussoenssoen gelegen in het gericht van Malsen in de heemstad van Deyl. Met de akte van imaginaire verkoop van deze goederen aan Willem Rubbe Heinricssoen na een procedure wegens een schuldvordering van Willem van Tuyl op Alaert Keyen Janssoen.
Wij Willem van Beesdt ende Jan van Tuijl Jans soen scepen in Deijl orconden dat voir ons comen is die ghesworen bode ons heren des hertogen van
Ghelre inden Tielreweert ende ghiede dat hi ghemaent hadde als recht is van Willems wegen van Tuijl Alaert Keijen Jan soen als een saecwout
Claes Claes soen Gherijt Heinrics soen ende Heinric Matheus soens soen als borgen om vier en viertichstalven beijerschen gulden ....
... Voirt orconden
wi dat Willem van Tuijl voirsz is ghericht biden ghesoren richter tot allen recht in alre erfnissen ende in allen goets dat dese voirsz saecwout
ende borgen voirsz hadden inden ghericht van Malsen ende inden heemstat van Deijl ...
... Ende dit is gesciet int jair ons heren dusent vierhondert ende negen en twentich opten een en twen-
tichsten dach in october 21-10-1429. Wij Willem van Beesdt voirsz ende Jan van Horwinen Goiswijns soen scepen in Deijl orconden dat voir ons comen is die
ghesworen bode voirsz ende ghiede dat hi verboden hadde als recht is alle dese voirsz orfnissen ende gueden drie sonnendage tot rechter ....
aen der kercken tot Malsen dat die te cope were van Willems wegen van Tuijl voirsz voir dese voirsz summen ghelts Ende dit is ghesciet int jair
ons heren dusent vier hondert ende negen en twentich des anderen dages nae alre kijnder dach 29-12-1429. Wij Willem van Beesdt ende Jan van Horwinen
Goiswijns soen scepen in Deijl voirsz orconden dat voir ons comen is Willem van Tuijl voirsz ende heeft vercoft alle dese voirsz erfnisse ende
gueden Willem Rubben Heinrics soen des saecwouden goet voirsz .... ende der borgen goet voirsz ...
... ende dit is gesciet int jair ons heren dusent vier
hondert ende negen en twentich des anderen dages nae alre kijnder dach 29-12-1429. Wij Willem van Beesdt ende Jan van Horwinen scepen in Deijl voirsz orconden
dat voir ons comen is die ghesworen richter voirsz ende heeft ons ghevraecht aen enen vonisse soe wair dat Willem van Tuijl voirsz sijn ghe...
van der voirsz summen ghelts ...
.... in orkonde ons litteren ghegeven int jair ons heren
vierhondert ende negen en twentich des anderen dages nae alre kijnder dach 29-12-1429
Transfix.
Hangt aan: 21-10-1429
Aanhangend: 30-12-1429
Bron: Familie Van Tuyll van Bulckestein , inv. 31-1
30-12-1429. Akte van overdracht door Willem Rubbe (Heinricssoen) aan Willem van Tuyl van goederen van Alaert Keyen Janssoen en diens borgen Claes Claessoen, Gheryt Henricssoen en Jan Heinric Matheussoenssoen gelegen in het gericht van Malsen in de heemstad van Deyl. Met de akte van imaginaire verkoop van deze goederen aan Willem Rubbe Heinricssoen na een procedure wegens een schuldvordering van Willem van Tuyl op Alaert Keyen Janssoen.
Wij Willem van Beesdt ende Jan van Horwinen Goiswijns soen scepen in Deijl orconden dat voir ons comen is Willem Rubbe ende heeft ver-
coft ... den brief dair desen teghenwoirdigen brief doir ghe-
stoken is ...
... Willem van Tuijl erfliken te besitten ...
... int jair ons heren vierhondert ende negen en twentich des dorden dages nae alre kijnder dach
2 charters.
Transfix.
Hangt aan: 29-12-1429
Bron: Familie Van Tuyll van Bulckestein , inv. 31-2
28-07-1437. Schepenen: Ghijsbert Hack Janssoen en Aert Neude Janssoen
Wij Ghijsbert Hack Janssoen ende Aert Neude Janssoen scepen in Deyl tughen dat voer ons comen is ic Ghijsbert Hacke voerscr. ende hebbe vercoft ende opghedraghen voer drie hondert gouden gulden ghenge ende gheve die ic ghyede dat my betaelt sijn vyerdalven merghen lants alsoe groet ende cleyn als sy daer gheleghen sijn in den ghericht van Malsen in den Voetacker tusschen lant des cloesters van Sunte Marienweerde aen die een syde ende die papelike provende der kercken van Malsen aen die ander syde Hubert Dircssoen in enen eyghendom sonder tijns ende sonder dijc erfeliken te besitten. Ende ic Ghijsbert Hack voerscr. verteech op dit lant voerscr. ende gheloefde daerop doen te vertyen allen dieghene die daer met recht op vertyen sullen ende gheloefde oec te waren Hubert Dircssoen voerscr. dit lant voerscr. jaer ende dach als recht is voer allen dieghene die ten recht comen willen ende alle voerplicht af te doen van denselven. Hyeraf is Jan Hack des voerscr. Ghijsbertssoen een borghe. In orconde onser litteren ghegeven int jaer ons Heren dusent vierhondert seven en dartich opten acht en tweyntichsten dach in der maent van julio. (in dorso) nr. 155 Malsen den Voetacker
Bron: Klooster Marienschoot te Zennewijnen, inv. 152 (pag. 224)
16-12-1442. Schepenen: Ot van Haeften Alaertssoen en Jan van Ingen Wouterssoen
Wij Ot van Haeften Alaertssoen ende Jan van Ingen Wouterssoen scepen in Deil orconden dat voir ons comen sijn Jan van Herwinen Goiswijnssoen ende Goiswijn sijn soen ende hebben vercoft ende opghedragen voir vierhondert pont gaver penninge die sy ghieden dat hem betaelt sijn twelf mergen lants gheleghen in den ghericht van Malsen in den Santacker gheheiten Verewighenkorne tuschen Henric Gheerlinxsoen boven Willem die Ridder Pelgrimssoen ende Agnisse Herbens dochter beneden heren Dirc van Derthesen proifst tot Zenwinen tot behoef des ghemeyns convents des cloesters tot Zenwinen in enen eygen erve sonder dijc ende sonder tijns uytghenomen alsulken dijc als dair mit recht toebehoert ende uytghenomen den tijns die dair mit recht uytgheet erfliker te besitten, Ende Jan van Herwynen Goeswijnssoen ende Goisweyn sijn soen voirscr. vertegen op dit voirscr. guet ende erfnissen ende gheloefden dairop doen te vertyen allen dieghene die dair mit recht op vertyen sullen ende gheloefden te waren dese voirscr. erfnissen heren Dirc proifst tot Zenwinen tot behoef des ghemeyns convents des cloesters voirscr. jair ende dach als recht is voir allen dieghene die ten recht comen willen ende alle voirplicht dair af te doen. Doe dit ghesciet was doe gaf weder her Dirc proifst tot Zenwinen ende van wegen des ghemeyns convents des cloesters voirscr. dit voirscr. erve Jan Goiswijnssoen voirscr. in enen jairlicschen erftijns voir vijf aude Francrijcsche scilde guet van goude ende recht van ghewichte of payment dat alsoe guet is ende jairlics erflic ende ewelic opten heilgen Korsdach te betalen tot tijnsrecht den voirscr. proifst of soe wie proifst is in der tijt des voirscr. cloesters. Item vorwairden sijn ist zake dat desen voirscr. tijns jairlics niet betaelt en werdt op ten termijn voirscr. soe sal dan dairtoe alle dage opwassen ende gaen tot eenre penen dordalf aude Vlemsche placken tijns toe ende alsoe lange als die proifst voirscr. den voirscr. erfnissen ende gueden gheloven wil ende niet langer beiden en wil en dan te betalen mitten hoeftghelt voirscr. tot onsen lantrecht. Item voirt orkonden wi scepen voirscr., dat voir ons comen is Willem Hack Ottensoen ende heeft verteghen als recht is op dit voirscr. erve tot behoef des proifst ende des ghemeyns convents des cloesters voirscr. In oirkonde onser litteren ghegeven int jair ons Heren M vierhondert ende twe en viertich des sonnendages nae Sunte Lucien dach. (in dorso) nr. 154 item te Malsen Valc Jansen ende Jan Hubers hier heefft dat cloister nu den eygendom aff
Bron: Klooster Marienschoot te Zennewijnen, inv. 159 (pag. 234)
10-07-1444. Schepenen: Ot van Haeften Alaertssoen en Jan van Kuyc Jans Janssoen van Meteren [1].
Wi Ot van Haeften Alaertssoen ende Jan van Kuyc Jans Janssoen van Meteren 1 scepen in Deil orconden,dat voir ons comen is Ghijsbert Hac Janssoen ende heeft vercoft ende opghedragen voir twe hondert pont gaver penninge die hi ghiede dat hem betaelt sijn vier mergen lants alsoe groet ende alsoe cleyn als sy dair ghelegen sijn in den ghericht van Malsen in den Voetacker dat cloester van Sunte Marienweerde aen die een side ende die papelike profen van Malsen aen die ander side Aernt Ghijsbertssoen ende Jan Pelgrimssoen aen dat een eynde ende Ghijsbert Hac Rolofssoen ende Willem Alaerts Welgensoen aen dat ander eynde heren Dirc van Darthesen proifst tot Zenwinen tot behoef des ghemeyns convents des cloesters tot Zenwinen voirscr. in enen eygen erve sonder dijc ende sonder tijns erfliken te besitten. Ende Ghijsbert Hac voirscr. verteech op dit voirscr. erve ende gheloefde dairop doen te vertien alle dieghene die dair mitten recht op vertien sellen ende ghelovet te waren heren Dirc van Derthesen proifst tot Zenwinen tot behoef des ghemeyns convents des cloesters tot Zenwinen voirgen. jair ende dach als recht is voir allen dieghene die ten recht comen willen ende alle voirplicht dair af te doen. Ende des is Jan Hac Ghijsbert Hackensoen een borge. In orconde onser litteren ghegeven int jair ons Heren M vierhondert ende vier en viertich opten tienden dach in julio. (in dorso) nr. 151 Malssen den Voetacker
1. NB in de transcriptie staat "Jan van Kuyc Jans Janssoen van Meteren" maar in het origineel staat "Jan van Kuyc Janssoen van Meteren".
Bron: Klooster Marienschoot te Zennewijnen, inv. 160 (pag. 239)
02-02-1446. Akte van overdracht door Willem van Tuyl aan Adriaen, zijn bastaardzoon, van goederen van Aernt den Veer en diens borg Artuende Claessoen, gelegen in het gericht van Meteren in de heemstad van Deil. Met akte van transport van deze goederen door Willem Rubben Henricssoen aan Willem van Tuyl; en met akte van imaginaire verkoop ervan aan Willem Rubben Henricssoen na een procedure wegens een schuldvordering van Willem van Tuyl op Aernt den Veer.
Wij Jan Ghijsberts soen ende Jan van Ingen Wouters soen scepen in Deil orconden dat voir ons comen is die gesworen bode ons heren des herto-
ghen van Ghelre in Tielreweert ende ghiede dat hi ghemaent hedde als recht is van wegen Willems van Tuijl Aernt den Veer als een saec-
wout ende Artuende Claes soen als een borge om negen en twentich overlensche gulden ...
.... alle guets dat dese voirsz saecwout ende borge voirsz hadden inden
ghericht van Meteren ende inder heemstat van Deil ....
.... Ende dit is gesciet int jair ons heren dusent vierhondert ende ses en viertich opten anderen dach in februario 2-2-1446. Wij Jan Gijsberts
soen voirsz ende Alaert van Haeften scepen in Deil orconden dat voir ons comen is die ghesworen bode voirsz ....
... aen der kercken tot Meteren dat die te cope were van wegen Willems van
Tuijl voirsz ... Ende dit is ghesciet int jair ons heren dusent vierhondert ende ses en viertich opten lesten dach in meert 31-3-1446. Wij
Alaert van Haeften voirsz ende Jan Ghijsberts soen scepen in Deil voirsz tugen dat voir ons comen is Willem van Tuijl voirsz ende heeft vercoft alle
dese voirsz erfnisse ende gueden Willem Rubben Heinrics soen des saecwouden guet voirsz ....
... Ende dit is ghesciet int jair ons heren dusent vier
hondert ende ses en viertich opten lesten dach in meert 31-3-1446. Wij Alaert van Haeften ende Jan Ghijsbertsz soen scepen in Deil voirsz tugen dat voir ons comen is
die ghesworen richter ...
.... In orconde ons litteren ghegeven int jair ons heren M vierhondert ende ses en viertich opten
lesten dach in meert 31-3-1446.
Transfix, 3 charters.
Bron: Familie Van Tuyll van Bulckestein , inv. 32-1
31-03-1446. Akte van overdracht door Willem van Tuyl aan Adriaen, zijn bastaardzoon, van goederen van Aernt den Veer en diens borg Artuende Claessoen, gelegen in het gericht van Meteren in de heemstad van Deil. Met akte van transport van deze goederen door Willem Rubben Henricssoen aan Willem van Tuyl; en met akte van imaginaire verkoop ervan aan Willem Rubben Henricssoen na een procedure wegens een schuldvordering van Willem van Tuyl op Aernt den Veer.
Wij Jan Ghijsberts soen ende Jan van Ingen Wouters soen scepen in Deil orconden dat voir ons comen is die gesworen bode ons heren des herto-
ghen van Ghelre in Tielreweert ende ghiede dat hi ghemaent hedde als recht is van wegen Willems van Tuijl Aernt den Veer als een saec-
wout ende Artuende Claes soen als een borge om negen en twentich overlensche gulden ...
.... alle guets dat dese voirsz saecwout ende borge voirsz hadden inden
ghericht van Meteren ende inder heemstat van Deil ....
.... Ende dit is gesciet int jair ons heren dusent vierhondert ende ses en viertich opten anderen dach in februario 2-2-1446. Wij Jan Gijsberts
soen voirsz ende Alaert van Haeften scepen in Deil orconden dat voir ons comen is die ghesworen bode voirsz ....
... aen der kercken tot Meteren dat die te cope were van wegen Willems van
Tuijl voirsz ... Ende dit is ghesciet int jair ons heren dusent vierhondert ende ses en viertich opten lesten dach in meert 31-3-1446. Wij
Alaert van Haeften voirsz ende Jan Ghijsberts soen scepen in Deil voirsz tugen dat voir ons comen is Willem van Tuijl voirsz ende heeft vercoft alle
dese voirsz erfnisse ende gueden Willem Rubben Heinrics soen des saecwouden guet voirsz ....
... Ende dit is ghesciet int jair ons heren dusent vier
hondert ende ses en viertich opten lesten dach in meert 31-3-1446. Wij Alaert van Haeften ende Jan Ghijsbertsz soen scepen in Deil voirsz tugen dat voir ons comen is
die ghesworen richter ...
.... In orconde ons litteren ghegeven int jair ons heren M vierhondert ende ses en viertich opten
lesten dach in meert 31-3-1446.
Transfix, 3 charters.
Bron: Familie Van Tuyll van Bulckestein , inv. 32-1
01-04-1446. Akte van overdracht door Willem van Tuyl aan Adriaen, zijn bastaardzoon, van goederen van Aernt den Veer en diens borg Artuende Claessoen, gelegen in het gericht van Meteren in de heemstad van Deil. Met akte van transport van deze goederen door Willem Rubben Henricssoen aan Willem van Tuyl; en met akte van imaginaire verkoop ervan aan Willem Rubben Henricssoen na een procedure wegens een schuldvordering van Willem van Tuyl op Aernt den Veer.
Wij Alaert van Haeften ende Jan Ghijsberts soen scepen in Deil orconden dat voir ons comen is Willem Rubbe Heinrics soen ende heeft vercoft ende
opghedragen ....
... Willem van Tuijl erfliken te besitten ...
... M vierhondert ende ses en viertich opten ijersten dach in aprili
Transfix, 3 charters.
Bron: Familie Van Tuyll van Bulckestein , inv. 32-2
1447. Akte van overdracht door Willem van Tuyl aan Adriaen, zijn bastaardzoon, van goederen van Aernt den Veer en diens borg Artuende Claessoen, gelegen in het gericht van Meteren in de heemstad van Deil. Met akte van transport van deze goederen door Willem Rubben Henricssoen aan Willem van Tuyl; en met akte van imaginaire verkoop ervan aan Willem Rubben Henricssoen na een procedure wegens een schuldvordering van Willem van Tuyl op Aernt den Veer.
Wij Aernt Pieck Hermans soen en Jan Ghijsbers soen scepen in Deil orconden dat voir ons comen is Willem van Tuijl ende heeft vercoft ...
... die brieve dair desen teghenwoirdighen brief doirghesteken is ...
... Adriaen bast.
soen Willems van Tuijl erfliken te besitten ...
... int jair ons heren M vierhondert
ende seven en viertich op ...
Bron: Familie Van Tuyll van Bulckestein , inv. 32-3
25-03-1447. Akte waarbij de rechten erkend worden van Adriaen, bastaardzoon van Willem van Tuyl, op een hofstad c.a. gelegen in het gericht van Meteren en op alle goederen van Aernt die Veer in het gericht van Meteren in de heemstad van Deil.
Wij Hubert van Beesdt ende Aernt Pieck Hermans soen scepen in Deil orconden dat ...
.... sijns rechts Adriaen bastaert soen Willems van Tuijl in eenre hofstat ende in alselcker
tymmeringhen ende potinge ... inden ghericht van Meteren tuschen Hubert Beernts soen
aen die een side ende die ghemeijnt voirt al om. Item voirt in alre erfnissen ende in allen guets dat Aernt die Veer hadde inden ghericht van Meteren ende inder heemstat van
Deil ...
... M vierhondert ende seven en viertich op ons vrouwen dach annunciacio
Bron: Familie Van Tuyll van Bulckestein , inv. 33
25-03-1447. Akte waarbij de rechten erkend worden van Adriaen, bastaardzoon van Willem van Tuyl, op de hofstad c.a. van Aelbert Haes in het gericht van Malsen in de heemstad van Deil.
Wij Hubert van Beesdt ende Aernt Pieck Hermans soen scepen in Deil orconden ...
... sijns rechts Adriaen bastaert soen Willems van Tuijl in eenre hofstat ...
... inden ghericht van Malsen ende Jan van Kuijc Jans soen van Meteren aen die een side ende Aernt van Tuijl of wie ...
... aen die ander side. Item voirt in alre erfnissen ende in allen guets dat Aelbert Haes hadde inden ghericht van Malsen ende inder heemstat van Deil ...
... int jair ons heren M vierhondert
ende seven en viertich op onser vrouwen dach annunciacio
Bron: Familie Van Tuyll van Bulckestein , inv. 34
26-11-1451. Akte waarbij de rechten erkend worden van joffrouw Henric, weduwe van Willem van Tuil, op enige goederen in het gericht van Deil.
Wij Floris van Beesdt ende Willem Ghoirts soen scepen in Deil orconden dat voir ons comen is die ghesworen richter ons
heren des hertoghen vanden helren? in Tielreweert ende heeft gheset tot allen recht ....
.. joffroue Heinric die wijf was Willems van Tuijl in enen huijse …
... ende in alselker huren als Eerst Wijnbout, Steven Wijnbout ende Gertrudt h... vlek .... hofstat
ende lande dair teijnden aen lighende hebben ende in allet dat ertvast ende naghelvast op .... ende lande is
ghelegen inden ghericht van Deil tusschen Dirc van Weerdenberch aen die een side .... en aen die ander
side ....
... Ghegeven int jair ons heren M vierhondert ende een en vijftich opten ses en vijftichsten sic! dach in november.
De dag 56 november is wellicht een verschrijving voor 26.
Bron: Familie Van Tuyll van Bulckestein , inv. 35
02-09-1459. Schepenen: Ghijsbert van Haeften van Renoije en Jan Meijnart Jans soen
        Wadenoijen
Wij Ghijsbert van Haeften van Renoije ende Jan Meijnart Jans soen scepen in Deijll
tugen dat voir ons komen is Herman van Pufelick ende heeft gegeven ende opgedragen om
gods will ende om salichtheijt will sijnre zielen ende sijnre alder zielen acht mergen ende
anderhalleff hont lants gelegen inden gericht van Wadenoijen int broeck tusschen
Ghijsbert van Boxmeer aen die een sijde ende die Nonnen van Zenwijnen aen die ander
sijde, Wouter van Oss tot behoeff der tafelen sheijlichs geests van Zaltbommell in enen
eijgendom sonder thijns ende metten dijck die totten voirsz. lande met recht toebehoiren
erfelicken te besitten Ende Herman van Pufelick voirsz. verteech op dit lant voirsz. ende
geloeffde dair op doen te vertijen allen die gene die daer met recht op vertien sullen
Ende geloeffde oick te waren Wouter van Oss tot behoeff der tafelen sheijlichs geests
van Zaltboemell voirsz. dit lant voirsz. jair ende dach als recht is voir allen die gene
die ten recht komen willen Ende alle voirplicht aff te doen vanden selven in formen ende
manieren dat die heijlige geestmeysters van Zaltboemell altoes inder tijt wesende
voir dit lant voirsz. jairlix sulcken spijnden doen sullen gelijck men dat met Hermans
van Pufelick voirsz. hant geschreven ende met sijnen zegell besegelt vynden sall ende dat
voir zielen Hermans van Pufelick voirsz. ende allen sijnre alderen zielen In orkonde
onsen litteren Gegeven int jair ons heren dusent vierhondert negen ende vijfftich opten
anderen dach inder maendt van september

marge:
Int broeck
VIIJ mergen
IJ hont

Ick Herman van Pufelick bekenne met desen openen brieve voer mij ende voer mijn erven
alsoe ick opgedragen heb in enen scepenen brieff van Deijll Wouter van Oss tot behoeff
der tafelen sheijliges geests van Zautbomell sodanige lant ende erve gelegen te Wa-
denoij int broeck als acht mergen ende anderhalff hont gelijck die selve scepen brieff
dat begrepen heefft ende uutwijset, voer welcke erffeniss ende guede ick begeer ende
willl dat die heijlige geestmeijsters inder tijt wesende jaerlix ten ewigen tijde so-
danige spijnde doen sullen als hier na bescreven steet, dat is te weten Te midvasten
als sonnendages Letare twe malder weijts ende een ton herincs Op onsen lieven vrouwen
avont nativitas twe malder weijts Op sunte Nicolaus avont acht ende twentich paren
scoen voir mijn zielen ende mijnre alder ziele ende alle die geenre daer ick voir begeeren
Voirt sijnt voirwairden weert tsake dat hier versumenisse in geschiede dat dit alsoe
als voirsz steet op sekeren tiden achtdage na onbegrepen niet en geschiede in sekere
maten in sekeren getall so sullen dese voirsz. erffeniss ende guede die jaerlix nu ther
tijt twelff ald schilde off daer omtrent wert sijn vervallen wesen den cloester
off convent der Regulieren van sunte Augustinus orden buten Zautbomell die dan dese
erffeniss ende guede aenvangen sullen ende voir oer eijgen halden, ende daer voir halden een
ewige memori voir mij ende mijner alder zielen ende daer ick voer begeer als ick hem
bescreven sall geven in enen cedell met mijnen segell besegelt Ende weert dat dese
voirsz. Regulieren dese guede niet aen en vingen soe solden dese guede voirgenoemt
vervallen wesen den hogeboren vorst den hertoge van Gelre die se dan aen hem
nemen sall ende anderen armen luden off geestlicken cloesteren tot enen ewigen testament
toscicken{?} Voert so en salmen dese voersz. guede off erffniss niet vercopen mer sij
sullen ten ewigen dagen blijven ter armen behoeff daer ick mede beladen ende be-
swaren die consonenti{?} der geenre die over dese guede scaffenairs sullen wesen inden
jonxten doemsdages den rechtverdigen rechter die comen sall ordelen over leven-
dich ende doden reden te geven Mer gevielt dat dese voirg. guede gebrecklick
worden ende na gewoenlicker manieren also rentboer{?} niet? en vielen? soe mogen die
heijlige geestmeijsters inder tijt daer mede voirt varen na beloep der renten
die dair van comen Alle argelist uijtgescheiden Ende queem op den voirgesetten ter-
mijnen ennige ander spinde so soldemen die voirg. spinde enen dach voer off nae
doen ende niet opten selven dach In orkond dat ick will ende begeer dat dese dinge
alsoe als voirsz. is gehalden sullen werden so heb ick Herman van Pufelic voirsz.
mijnen segell met mijnen vrijen will aen desen tegenwoirdigen brieff gehangen
Ende om meerere vestenisse will der voirsz. punten so heb ick gebeden Roloff van
Groesbeeck ende Ghijsbert van Driell scepen van Zautbomell inder tijt dit met
mij te besegelen Dat wij Roloff ende Gijsbert voirsz. om bede will Hermans van
Pufelick voerg. geern doen wolden ende hebben onse segelen mede aen desen
brieff gehangen in oircond dat wij willen met Herman voirsz. dat die voirg. punte
stede ende vast gehalden sullen werden Gegeven int jair ons heren dusent vier-
hondert negen ende vijfftich des anderen dages van september
Klik om een foto of scan te zien: Microfilm   Cartularium  
Bron: Cartularium van het Groote Bommelsche Gasthuis (f. 130v)